Loonkloof persistent

Disclaimer: Voorliggende informatie is beschikbaar gemaakt als openbare dienstverlening; deze is noch door Europese Stichting tot Verbetering van de Levens- en Arbeidsomstandigheden bewerkt noch goedgekeurd. Voor de inhoud zijn alleen de auteurs verantwoordelijk.

Nederlandse vrouwen verdienen anno 2008 nog steeds veel minder dan mannen. Volgens een onderzoeksrapport van de ITUC scoort Nederland met een loonkloof van 18% boven het europees gemiddelde. De extra achterstand van Nederlandse vrouwen kan voor een groot deel worden verklaard uit het feit dat Nederlandse vrouwen vaak in deeltijd werken. Deeltijders missen vaak toeslagen. Deeltijders komen minder snel in aanmerking voor bijscholing en missen de kans op doorgroei en promotie. In de hogere echelons van het bedrijfsleven zijn verhoudingsgewijs weinig vrouwen te vinden. De oprichting door de regering van de Taskforce Deeltijd Plus moet meehelpen de kabinetsdoelstelling – 80% werkende vrouwen in 2016 – te realiseren. Grotere deeltijdbanen behoren ook tot de doelstelling. In 2006 werkt 56% van de Nederlandse vrouwen.

Rond de internationale vrouwendag, 8 maart 2008, werd weer eens onderstreept dat Nederlandse vrouwen nog steeds veel minder verdienen dan mannen. De loonkloof blijft groot. Nederlandse mannen verdienen in 2007 maandelijks gemiddeld 2.400 bruto per maand, vrouwen 2.000. Binnen Europa is dat één van de grootste loonkloven. Vrouwen verdienen gemiddeld 18 % minder dan mannen; 7% daarvan kan niet worden verklaard uit objectieve verschillen. Wereldwijd verdienen vrouwen 16,5% minder dan mannen. In Europa ligt het gemiddelde op 14,5%. Europees vergelijkend eindigt Nederland onder Duitsland, maar boven Luxemburg, Frankrijk en België. Aldus de publicatie The Global Gender Pay Gap van het Internationaal Verbond van Vakverenigingen (IVV), ITUC 2008) Het onderzoek is wereldwijd uitgevoerd. De cijfers hebben alleen betrekking op de formele economie.

Deeltijd

De extra achterstand van Nederlandse vrouwen kan voor een groot deel worden verklaard uit het feit dat Nederlandse vrouwen vaak in deeltijd werken. Driekwart werkt in deeltijd. Gemiddeld werken Nederlandse vrouwen 26 uur per week. Deeltijders missen vaak toeslagen. Deeltijders komen minder snel in aanmerking voor bijscholing en missen de kans op doorgroei en promotie. Deeltijd vormt een hindernis bij het doorgroeien naar een leidinggevende functie. De beste remedie nog steeds een full-time baan. Voorzitter Agnes Jongerius van de FNV, die het onderzoeksrapport in ontvangst nam, stelt vast dat er kennelijk in Nederland nog een hard glazen plafond bestaat. Discriminatie is verboden, dus het verschil in salarissen zal vaak onbewust tot stand komen. Vrouwen durven de stoute schoenen om naar hun baas te stappen, nog steeds niet aan te trekken. Jongerius is verheugd met het onderzoeksresultaat dat vrouwen die lid zijn van de vakbond beter verdienen dan andere vrouwen; het verschil met mannen in nog maar 14%, terwijl het verschil bij een niet-lid oploopt tot 22%. Vakbondsleden zijn misschien zelfbewuster, voelen zich sterker met de bond achter zich. Ze zullen dus harder onderhandelen over hun salaris, toeslagen en loopbaanplanning, aldus Jongerius. Opmerkelijk is dat de loonkloof groter wordt onder hoog opgeleiden. De kloof wordt ook groter in sectoren waar veel vrouwen werken, zoals de gezondheidszorg en het onderwijs.

Gering aantal vrouwen op topposities

Nederland scoort ook nog steeds relatief laag met vrouwen in hogere functies. Een kwart van de Nederlandse managers is vrouw; europees breed is dat een derde. Kijkt men naar de top, dan blijkt dat 5% van de posities in de Raden van Bestuur wordt ingenomen door een vrouw, terwijl in de raden van commissarissen 7% van de posities wordt bezet door een vrouw. Ook in de zogenoemde kweekvijver voor dit niveau, onder de hoofden van de afdeling marketing of personeel, bestaat 11% uit vrouwen. Het tweede echelon, de topmanagers, kent ongeveer 22% vrouwen. Verontrustend is dat er geen doorstoom plaatsvindt. Het blijkt ook dat de criteria voor topfuncties sterk mannelijk zijn ingekleurd, met kernwoorden als dominantie, competitie en volledige beschikbaarheid. Dit onderzoek van headhunterbureau Woman Capital laat zien dat zogenaamde vrouwelijke eigenschappen – een lange termijnvisie, meer oog voor mensen in een organisatie – lager scoren. Betrokken vrouwenorganisaties evalueren deze resultaten negatief, niet alleen voor vrouwen maar ook voor de bedrijven. Volgens McKinsey consultancy betekent meer vrouwen aan de top een grotere motivatie onder het personeel, een beter imago van het bedrijf, meer tevreden klanten en betere financiële resultaten.

Taskforce Deeltijd Plus

Jongerius hoopt dat de Taskforce Deeltijd Plus, die binnenkort van start gaat en vrouwen wil aanmoedigen grotere deeltijdbanen te nemen, ook de onderwaardering van vrouwenberoepen en sectoren onder de loep neemt. De Taskforce moet meehelpen om de doelstelling van het kabinet – 80% werkende vrouwen in 2016 – te realiseren. In 2006 was dit cijfer nog 56%. Het kabinet wil bovendien dat vrouwen meer uren gaan werken. In 2006 is ongeveer 70% van de banen door vrouwen in deeltijd uitgevoerd. De vergrijzing van de bevolking is in dit beleid een overweging, maar ook de economische zelfstandigheid van vrouwen, die nu door slechts een derde van hen wordt gerealiseerd.

Marianne Grünell, HSI

Useful? Interesting? Tell us what you think. Hide comments

Eurofound welcomes feedback and updates on this regulation

Reactie toevoegen