Werkgevers en vakbonden verdeeld over het versterken van werknemersrechten in het licht van aandeelhouders activisme

Disclaimer: Voorliggende informatie is beschikbaar gemaakt als openbare dienstverlening; deze is noch door Europese Stichting tot Verbetering van de Levens- en Arbeidsomstandigheden bewerkt noch goedgekeurd. Voor de inhoud zijn alleen de auteurs verantwoordelijk.

De Sociaal-Economische Raad heeft op 15 februari 2008 een advies gepubliceerd over de positie van werknemers in beursgenoteerde bedrijven. In het advies herdefinieert de Sociaal-Economische Raad de rechten en verantwoordelijkheden van raden van bestuur, van werkgevers en werknemers vertegenwoordigers. Minister Wouter Bos van Financiën heeft het SER-advies op formele gronden verworpen. De Raad heeft niet de bevoegdheid om te adviseren over bedrijfsbeleid. In December2007 heeft de minister een wetsvoorstel ingediend over het adviesrecht van ondernemingsraden wat de beloning betreft van de raad van bestuur van beursgenoteerde bedrijven.

De Sociaal Economische Raad (SER) heeft op 15 februari 2008 een advies gepubliceerd over de positie van werknemers in beursgenoteerde bedrijven. De SER bestaat uit vertegenwoordigers van werkgeversorganisaties, vakbonden en onafhankelijke leden. Traditiegetrouw zijn de adviezen over zeggenschap in de onderneming verdeeld. Dit advies vormt hierop geen uitzondering. Opmerkelijk bij dit advies is wel dat vertegenwoordigers van aandeelhouders (die geen deel uitmaken van de SER) deelnamen aan de beraadslagingen.

Machtsbalans geherdefinieerd

De centrale elementen van het advies, die relevant zijn voor arbeidsverhoudingen, zijn dat momenteel de belangrijkste beursgenoteerde bedrijven in Nederland uitgesloten zijn van de verplichting om een toezichthoudend bestuur in te stellen. Vakbondsvertegenwoordigers en de onafhankelijke leden van de SER verzoeken nu om een dergelijke verplichting, terwijl werkgevers vertegenwoordigers geen verandering wensen. Ten tweede heeft de internationalisering de positie van werknemersvertegenwoordigers veranderd. Vakbonden en een meerderheid van onafhankelijke leden vragen nu om maatregelen om deze verandering in machtsbalans op te vangen. Werkgevers en een minderheid van onafhankelijke leden geloven niet dat deze maatregelen nodig zijn. Ten derde wordt voorgesteld om de ondernemingsraden een stem te geven in de algemene vergadering van aandeelhouders. In de opvatting van de SER zouden ondernemingsraden een recht moeten krijgen om hun mening over een omschreven aantal onderwerpen naar voren te brengen in de algemene vergadering van aandeelhouders. Dit recht zou niet moeten worden toegekend als de meerderheid van de werknemers buiten Nederland werkt. Ten vierde, vakbonden en een meerderheid van de onafhankelijke leden zijn van mening dat Europese Ondernemingenraden onvoldoende macht hebben inzake internationale fusies en acquisities. De Nederlandse regering zou druk moeten uitoefenen op de EU opdat deze maatregelen neemt. Werkgevers en een minderheid van onafhankelijke leden geloven niet dat dergelijke maatregelen nodig zijn. Ten slotte geeft het advies aan dat het in de huidige situatie voor aandeelhouders te gemakkelijk is om het management aan te vallen via het recht op onderzoek door de ondernemingskamer. Dit recht zou moeten worden ingeperkt. Belangenorganisaties van aandeelhouders hebben dit deel van het advies scherp bekritiseerd.

Minister van Financiën verwerpt SER-advies op formele gronden

Minister Wouter Bos van Financiën vindt dat de SER met het advies buiten zijn bevoegdheden is getreden. De Raad heeft niet de bevoegdheid om te adviseren over bedrijfbeleid en over de manier waarop de zeggenschap in ondernemingen is verdeeld. Later zal hij inhoudelijk reageren, maar het is bekend dat ook de Minister iets wil veranderen aan het huidige model van corparate governance. Eén kwestie is nu al vervat in een wetsvoorstel op het adviesrecht van ondernemingsraden aangaande de beloning van de raad van bestuur van beursgenoteerde ondernemingen. (NL0802049INL)

Adviesrecht OR aangaande beloningsbeleid bedrijven

In december 2007 is een concept wetsvoorstel gepubliceerd met het doel te worden becommentarieerd door belanghebbende partijen. Het voorstel betreft niet alleen beursgenoteerde bedrijven, maar alle naamloze vennootschappen. De ondernemingsraad krijgt het adviesrecht wat betreft veranderingen in het beloningsbeleid van het bedrijf (waarvan de bepaling is toevertrouwd aan de algemene vergadering van aandeelhouders). Dit betekent dat de ondernemingsraad voldoende tijd moet krijgen om het onderwerp te bestuderen. De OR moet geïnformeerd worden voordat de informatie verzonden is naar de aandeelhouders. Nadat de OR zijn mening over het onderwerp heeft gevormd, worden zowel het voorstel tot verandering van het beloningsbeleid als de beoordeling van de OR tegelijkertijd naar de algemene vergadering van aandeelhouders gestuurd. Op deze vergadering heeft de OR het recht zijn mening toe te lichten. Veel concerns hebben geen OR op top niveau. De OR is dan ingesteld op het zogenoemde subholding niveau, dat is gecreëerd om de Nederlandse vestigingen te bundelen. In dat geval gaan de rechten naar de OR op dit niveau op voorwaarde dat de meerderheid van de werknemers in Nederland werkt. Werkgevers en vertegenwoordigers van aandeelhoudersbelangen hebben deze voorstellen direct verworpen. In hoeverre het uiteindelijke wetsvoorstel zal lijken op dit voorstel, moet worden afgewacht.

Robbert van het Kaar, Marianne Grünell, HSI

Useful? Interesting? Tell us what you think. Hide comments

Eurofound welcomes feedback and updates on this regulation

Reactie toevoegen