Europese bedrijvenenquêtes

De Europese bedrijvenenquête (ECS) is voor het eerst uitgevoerd in de jaren 2004-2005 onder de naam Europese Enquête naar de arbeidstijden en het evenwicht tussen werk en privéleven (ESWT), en wordt sindsdien om de vier jaar herhaald. De tweede enquête (uitgevoerd onder de nieuwe naam Europese bedrijvenenquête) werd voltooid in 2009 en de derde enquête zal in 2013 plaatsvinden.

Met de enquête wordt het onderstaande beoogd:

  • informatie over beleid en praktijken van bedrijven in heel Europa op een geharmoniseerde basis in kaart brengen, beoordelen en kwantificeren;
  • relaties tussen bedrijfspraktijken en hun invloed analyseren en praktijken onderzoeken vanuit de invalshoek van bedrijfsstructuren, waarbij in het bijzonder wordt gelet op de sociale dialoog;
  • trends in de gaten houden;
  • bijdragen aan de Europa 2020-strategie door het in kaart brengen en begrijpen van bedrijfsbeleid en -praktijken die een uitwerking hebben op slimme, duurzame en inclusieve groei alsook bevordering van de sociale dialoog in bedrijven. De enquête moet de ontwikkeling van homogene indicatoren voor een Europees publiek mogelijk maken.

De ECS is een enquête op basis van een representatieve steekproef en wordt telefonisch uitgevoerd in de respectieve landsta(a)l(en). Een bijzonder kenmerk van de enquête is dat de interviews gehouden worden met de leidinggevende van de afdeling personeelszaken in de onderneming en voor zover mogelijk met een vertegenwoordiger van het personeel. In de eerste enquêtecyclus kwamen onderwerpen aan bod zoals werktijdregelingen en het evenwicht tussen werk en privéleven binnen het bedrijf. In de tweede cyclus werd gekeken naar verschillende vormen van flexibiliteit, waaronder flexibele werktijden, flexibele contracten, variabele beloning en financiële participatie, alsook naar begeleidende maatregelen op het gebied van personeelszaken en de aard en kwaliteit van de sociale dialoog op de werkplek. De derde enquête zal ook kijken naar arbeidsorganisatie, innovatie op de werkplek, werknemersparticipatie en de sociale dialoog binnen bedrijven in Europa.

Met de uitbreidingen van de EU is het geografische gebied waarin de enquête wordt afgenomen, mettertijd ook uitgebreid:

  • Eerste ECS (ESWT) in 2004-2005: 21 landen: de 15 ‘oude’ EU-lidstaten en Cyprus, Hongarije, Letland, Polen, Slovenië en Tsjechië
  • Tweede ECS in 2009: 30 landen, namelijk de 27 EU-lidstaten, Kroatië, Turkije en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië (FYROM)
  • Derde ECS in 2013: 32 landen, te weten de 27 EU-lidstaten en IJsland, Kroatië, Montenegro, Turkije en de voormalige Joegoslavische Republiek Macedonië (FYROM)