Gelijke waarde, gelijke beloning: Concepten, mechanismen en implementatie richting gendergelijke loongelijkheid
Gepubliceerd: 15 December 2025
Dit rapport presenteert een diepgaande samenvatting van bewijs en analyse over hoe het EU-principe van gelijke beloning voor hetzelfde werk en werk van gelijke waarde in de praktijk kan worden toegepast, met bijzondere aandacht voor werk van gelijke waarde – dus loongelijkheid. Volgens dit principe moeten twee banen, wanneer ze gelijkwaardig worden beschouwd qua vaardigheden, inzet, verantwoordelijkheden en arbeidsomstandigheden, gelijk worden betaald. Maar hoe kan zo'n gelijkwaardigheid worden vastgesteld? Naast algemene richtlijnen die door nationale wetgeving en gerechtelijke interpretaties worden gegeven, vereist de EU-richtlijn Loontransparantie, die uiterlijk in juni 2026 in de nationale wetgeving moet worden opgenomen, dat bedrijven ervoor zorgen dat, naast andere belangrijke verplichtingen, hun loonstructuren gebaseerd zijn op objectieve, genderneutrale en vooroordeelvrije functiebeoordelingsmethoden. Dit rapport gaat van principe naar praktijk door wettelijke vereisten, best practices en werkomstandigheden te verbinden, gebaseerd op 16 casestudy's die de praktische toepassing van instrumenten en methoden, initiatieven op bedrijfsniveau en de rol van sociale partners bij het implementeren van functieclassificatiebeoordelingen binnen sectorale collectieve overeenkomsten onderzoeken. Hoewel het rapport succesverhalen benadrukt, blijven er aanzienlijke uitdagingen bestaan. De Europese Stichting voor de Verbetering van Leef- en Arbeidsomstandigheden (Eurofound) is een drieledig Europees Unieagentschap dat in 1975 is opgericht. De taak ervan is het bieden van kennis op het gebied van sociaal, werkgelegenheids- en werkgerelateerd beleid volgens Verordening (EU) 2019/127.
Houd er rekening mee dat de meeste publicaties van Eurofound uitsluitend in het Engels beschikbaar zijn en momenteel niet automatisch worden vertaald.
Gelijke beloning voor hetzelfde werk is goed ingeburgerd, maar gelijke beloning voor werk van gelijke waarde – het vergelijken van rollen met vergelijkbare vaardigheden, inspanning, arbeidsomstandigheden en verantwoordelijkheid – is nog niet breed begrepen of toegepast. Het versterken van dit principe is essentieel voor echte vooruitgang op het gebied van gelijkheid tussen de mannen en vrouwen.
Functiebeoordelingen worden vaak als genderneutraal beschouwd, maar dit vertrouwen kan misplaatst zijn. Slechte niveaus van begrip maken het mogelijk dat de onderwaardering van werk in door vrouwen gedomineerde banen blijft bestaan.
Het creëren van een genderneutraal beloningssysteem omvat vijf fasen – planning, ontwerp, implementatie, monitoring en rapportage – en elke fase vereist bewuste waarborgen. Vertegenwoordigende participatie, gendergelijkheidstraining, rekening houden met emotioneel werk en regelmatige audits zijn cruciaal om het proces op koers te houden.
Het implementeren van gelijke beloning voor werk van gelijke waarde blijft een uitdaging, met weerstand tegen verandering of het ontkennen van bestaande loonkloden, evenals technische moeilijkheden die de vooruitgang belemmeren. Beperkte data, subjectieve scoring en beperkingen op middelen vertragen ook hervormingen.
Sociale partners zijn cruciaal om ervoor te zorgen dat loonstructuren in collectieve overeenkomsten genderneutraal zijn. Het herzien van functieclassificaties en het corrigeren van ongerechtvaardigde loonverschillen is echter vaak een langdurig proces. Loonverschuiving, individuele onderhandelingen en het ontbreken van loonschalen kunnen deze taak nog moeilijker maken.
In de context van een langzaam afnemende loonkloof tussen mannen en vrouwen en versterkte beleidsinspanningen om het probleem aan te pakken, richt een belangrijke maatregel zich op het systematisch aanpakken van de onderwaardering van banen die doorgaans door vrouwen worden uitgevoerd. Het principe van gelijke beloning zorgt er niet alleen voor dat werknemers die hetzelfde werk doen het recht hebben op hetzelfde loon, maar strekt zich ook uit tot werk van gelijke waarde. Werk van gelijke waarde betekent in principe dat wanneer twee banen als gelijkwaardig kunnen worden beschouwd qua vaardigheden, inspanning, verantwoordelijkheden en arbeidsomstandigheden, ze gelijk betaald moeten worden. Individuele verschillen door anciënniteit, kwalificaties of prestaties kunnen nog steeds loonverschillen rechtvaardigen. Dit rapport duikt diep in hoe het principe in de praktijk in de EU wordt toegepast, waarbij het van contexten en concepten naar praktijk gaat, en op basis van 16 praktijkvoorbeelden onderzoekt hoe genderneutrale functiebeoordelingen in verschillende omgevingen worden toegepast. De casestudy's onderzoeken instrumenten en methodologieën, collectieve overeenkomsten, benaderingen van bedrijven en casussen met betrekking tot ondersteuningen, controles en certificeringen, om te illustreren hoe het principe van 'werk van gelijke waarde' op een genderneutrale manier is geïmplementeerd en waar deze implementatie mogelijk tekortschiet. Het rapport is bedoeld voor allen (sociale partners, bedrijfsleiders, overheidsinstellingen en anderen) die werken aan het elimineren van de structurele onderwaardering van het werk van vrouwen en directe en indirecte loondiscriminatie.
Het principe van gelijke beloning voor gelijk werk of werk van gelijke waarde is binnen het juridische kader van de EU gedurende meer dan zes decennia aanzienlijk geëvolueerd. Vastgelegd in artikel 119 van het Verdrag van Rome uit 1957 (nu artikel 157 van het Verdrag inzake het functioneren van de Europese Unie), zagen de jaren zeventig een cruciale uitbreiding met de Richtlijn Gelijke Beloning (Raadsrichtlijn 75/117/EEG), die het concept van 'werk waaraan gelijke waarde wordt toegekend' introduceerde (Artikel 1) en het eerste gedetailleerde operationele kader voor de EU-lidstaten bood. Hierop volgden ingrijpende ontwikkelingen, waaronder het Verdrag van Amsterdam (1999), dat gendergelijkheid verhief tot een fundamenteel EU-doel, en het Handvest van de Grondrechten van de Europese Unie (2000), dat expliciet discriminatie op basis van geslacht verbood. Richtlijn 2006/54/EG consolideerde het bestaande juridische kader en bracht diverse gelijkheidsbepalingen samen voor duidelijkheid. Echter, implementatieproblemen bleven in de lidstaten bestaan. De evaluaties van de Commissie in 2013 en daaropvolgende 2020 identificeerden aanhoudende kritieke hiaten, met name rond het ontbreken of gebrek aan duidelijkheid in de definities van 'werk van gelijke waarde' en moeilijkheden in de praktische toepassing ervan, met name binnen collectieve onderhandelingskaders. Als reactie op deze aanhoudende uitdagingen werd de Richtlijn Loontransparantie (Richtlijn (EU) 2023/970) aangenomen. Deze richtlijn vereist dat lidstaten de beoordeling en vergelijking van de waarde van werk ondersteunen en begeleiden, zodat objectieve, genderneutrale en vooroordeelvrije functieclassificaties en loonstructuren kunnen worden vastgesteld. Het vereist dat lidstaten ervoor zorgen dat werkgevers loonstructuren implementeren die gelijke beloning voor gelijk werk of werk van gelijke waarde waarborgen, gebaseerd op vier essentiële factoren: vaardigheden, inzet, verantwoordelijkheid en arbeidsvoorwaarden.
Het waarborgen van gelijke beloning voor hetzelfde werk is een goed begrepen en gevestigd principe in beloningssystemen. Het uitbreiden hiervan naar werk van gelijke waarde – waarbij verschillende banen met vergelijkbare vaardigheden, inzet, arbeidsomstandigheden en verantwoordelijkheid gelijke beloning krijgen – is echter nog niet breed begrepen of toegepast. Inderdaad, de moeilijkheid om relevante casestudy's te identificeren die de implementatie van genderneutrale beloningssystemen illustreren om gelijke beloning voor werk van gelijke waarde te bereiken, suggereert dat deze praktijken nog steeds zeldzaam zijn.
In de geselecteerde casestudy's werd de implementatie van het concept werk van gelijke waarde gedreven door een mix van motivaties: wettelijke naleving (EU- en nationale wetgeving); de noodzaak om verouderde loonstructuren te moderniseren (voornamelijk in collectieve overeenkomsten) en de fragmentatie van de loonvaststelling te verminderen; interne organisatorische waarden in bedrijven; en in sommige gevallen proactieve inspanningen om de loonkloof tussen mannen en vrouwen aan te pakken. In veel gevallen was genderneutraliteit echter niet de primaire motivatie, maar eerder een secundair gevolg van bredere hervormingen in de loonstructuur.
Het proces van het ontwikkelen van genderneutrale beloningssystemen bestaat uit vijf belangrijke fasen: plannen, ontwerpen, implementeren, monitoren en rapporteren. Echte genderneutraliteit vereist bewuste waarborgen in elke fase, waaronder vertegenwoordigende participatie, gendergelijkheidstraining, inclusieve criteria en regelmatige audits.
Hoewel analytische en op criteria gebaseerde functiebeoordelingsmethoden algemeen als objectiever en betrouwbaarder worden beschouwd dan andere, garanderen ze niet automatisch genderneutraliteit. Hun effectiviteit hangt af van de zorgvuldige selectie en weging van evaluatiecriteria, de opname van competenties en verantwoordelijkheden die typisch zijn voor banen die traditioneel door vrouwen worden bekleed, en het vermijden van gendergebonden aannames in zowel taal als proces.
Actieve maatregelen om genderneutraliteit te waarborgen – zoals vertegenwoordigende participatie, gelijkheidstraining en regelmatige beoordelingen van functiebeschrijvingen – waren in sommige gevallen aanwezig, maar vaak ontbraken ze in andere. Waar proactieve benaderingen werden gevolgd, werden robuustere waarborgen en corrigerende maatregelen ingevoerd.
De invoering van genderneutrale functiebeoordelingssystemen leidde tot het identificeren en in sommige gevallen corrigeren van ongerechtvaardigde loonkloden, vooral wanneer het proces zich richtte op vrouwelijk gedomineerde rollen. De corrigering van collectieve onderbetaling verliep echter vaak traag, vooral in sectoren die afhankelijk zijn van publieke financiering of complexe en langdurige collectieve onderhandelingsprocessen. Initiatieven op bedrijfsniveau pakten individuele loonverschillen doorgaans sneller aan, maar strekten zich vaak niet uit tot structurele vergelijkingen tussen verschillende functiecategorieën.
Belangrijke uitdagingen bij de implementatie waren onder andere weerstand tegen het idee of de ontkenning van het bestaan van loonkloden, technische moeilijkheden bij functiebeoordeling, subjectiviteit in beoordeling en weging, gebrek aan uitgebreide gegevens en (materiële en financiële) beperkingen op middelen.
Het classificeren van banen op basis van objectieve criteria is een noodzakelijke voorwaarde om gelijke beloning voor werk van gelijke waarde te bereiken, maar op zichzelf niet voldoende. Objectieve criteria moeten ook worden gekozen en beoordeeld vanuit een genderbril, zodat factoren die doorgaans meer met vrouwen of mannen geassocieerd worden, niet verschillend worden gewaardeerd, dubbel geteld of weggelaten, simpelweg vanwege die associatie. De invoering van de Richtlijn Loontransparantie in nationale wetgeving moet ervoor zorgen dat deze genderbril wordt meegenomen en dat praktische, toegankelijke analytische instrumenten en richtlijnen worden verstrekt ter ondersteuning van werkgevers en sociale partners.
Tegelijkertijd kunnen sociale partners actieve promotors van deze aanpak worden en hun leden op verschillende manieren ondersteunen om te voldoen aan de eisen van de Loontransparantierichtlijn. Dit omvat het bevorderen van een gedeelde erkenning van het probleem, het bieden van capaciteitsopbouw en training op basis van het principe van gelijke beloning, en het bieden van praktische ondersteuning om benaderingen af te stemmen op bewezen of overeengekomen normen. Zo'n initiatief kan helpen de kosten van bedrijven en hun afhankelijkheid van externe aanbieders te verlagen.
De belangrijkste hefboom die sociale partners hebben, is ervoor zorgen dat sectorale (of modellen voor bedrijven) collectieve arbeidsovereenkomsten actuele functieclassificaties bevatten die gegarandeerd genderneutraal zijn. Pogingen om de fragmentatie in loonsregeling te verminderen, zodat ze overstappen op meer omvattende overeenkomsten en het vergroten van de werknemersdekking, kunnen de verdere vermindering van loonverschillen die op gelijke waarde worden veroorzaakt, ondersteunen.
Goede praktijken moeten worden verzameld en beoordeeld. Wanneer hun effectiviteit is vastgesteld, moeten ze worden bevorderd door overheden, gelijkheidsinstanties en sociale partners. Een voorbeeld van dergelijke goede praktijk is het formeel en direct betrekken van mensen die een goede balans van geslachten, niveaus en rollen vertegenwoordigen bij het ontwerp, implementeren en periodieke herzien van functieclassificatie- en evaluatieschema's, in nauwe samenwerking met vertegenwoordigers van werknemers. Elke wijziging van EU-richtlijnen door de Europese Commissie – zoals voorzien in artikel 4(3) van de richtlijn Loontransparantie – zal hierin een belangrijke standaard vormen.
Dit gedeelte bevat informatie over de gegevens in deze publicatie.
Lijst van tabellen
Tabel 1: Classificatie van criteria die worden gebruikt om werk van gelijke waarde tussen lidstaten te definiëren
Tabel 2: Voorbeeld van de mogelijkheid om loonverschillen in loonverslaggeving te detecteren en te verklaren afhankelijk van verschillen in functieclassificaties
Tabel 3: Voorbeelden van richtlijnen en checklists voor functiebeoordeling tussen lidstaten
Tabel 4: Illustratieve vergelijkingen van gendergerelateerde functietitels
Tabel 5: Factoren over het hoofd gezien in vrouwelijk gedomineerde banen en factoren benadrukt in door mannen gedomineerde banen
Tabel 6: Voorbeeld van een gendergebonden functiebeoordeling, gebaseerd op een bevooroordeelde selectie van subfactoren
Tabel 7: Voorbeeld van genderneutrale functieevaluatie, waarbij inclusieve subfactoren zijn toegevoegd
Tabel 8: Vrouw- en mannelijk gedomineerde banen van gelijke waarde
Tabel 9: Samenvatting van het vijffasenproces voor de ontwikkeling van genderneutrale beloningssystemen
Tabel 10: Overzicht van geselecteerde casestudy's en vergelijkende beoordeling van werk van gelijke waarde en genderneutraliteit
Tabel 11: Voorbeelden van collectieve onderbetalingen voor groepen werknemers die werk van gelijke waarde verrichten
Tabel 12: Bijdragers uit het Netwerk van Eurofound Correspondenten
Lijst van figuren
Figuur 1: Criteria voor het vaststellen van de waarde van werk en het rechtvaardigen van loonverschillen
Figuur 2: Rechtsbasis voor het definiëren van gelijk werk en werk van gelijke waarde binnen de EU
Figuur 3: Overzicht van landen met ten minste één instrument voor loontransparantie dat werk met gelijke waarde bevat, 2024
Figuur 4: De rol en invloed van collectieve arbeidsovereenkomsten bij het bevorderen van loongelijkheid voor banen van gelijke waarde
Figuur 5: Weergave van de beloningsbeheersystemen
Eurofound beveelt aan om deze publicatie als volgt te citeren.
Eurofound (2025), Gelijke waarde, gelijke beloning: Concepten, mechanismen en implementatie voor gelijke beloning tussen de mannen en vrouwen, Publicatiebureau van de Europese Unie, Luxemburg.
&w=3840&q=75)